Leesproblemen

De uiting van leesproblemen verschilt per kind. Het ene kind leest traag en nauwkeurig (een spellende lezer) en het andere kind leest snel en onnauwkeurig en vult vaak zelf al radend woorden in (radende lezer). Daarnaast kan er een groot verschil zijn in het kunnen lezen van een tekst of het lezen van losse woorden. Toch is in de begeleiding van alle kinderen met leesproblemen hetzelfde van groot belang, namelijk het ontwikkelen en vasthouden van leesplezier, leesbeleving en leesmotivatie. Dit is de basis voor een goede leesontwikkeling en De Inspraak wil zich hiervoor inzetten.

Na aanmelding ziet het behandeltraject er als volgt uit:dyslexie.jpg

Intake
Tijdens het eerste gesprek wordt besproken wat de hulpvraag precies is en hoe de ontwikkeling van het lezen tot nu toe verlopen wordt. Ook wordt informatie gevraagd over de leesmotivatie (hoe is de motivatie of is die helemaal weg) interesses van het kind en de aangeboden hulp tot nu toe (wat werkte goed, wat werkte niet).

Onderzoek
In het onderzoek worden de verschillende stadia van het lezen kort onderzocht (worden alle letters snel herkend, is er een verschil in lezen van minder en meer complexe woorden, is er een radende leesstrategie of een spellende leesstrategie). Daarnaast wordt er een taalonderzoek afgenomen om de woordenschat,  zinsbouw en taalbegrip in kaart te brengen en wordt het werkgeheugen getest.

Behandeling
In de behandeling zal gewerkt worden met motiverende teksten die door het kind zijn uitgezocht. Afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek zal er gewerkt worden met Connect of Ralfi-lezen. Er zal veel aandacht zijn voor leesbeleving, ook tijdens het lezen thuis.

Samenwerking school
De Inspraak hecht aan een goede afstemming met de school en zal (in overleg met ouders) contact opnemen met school om de doelen van de behandeling door te spreken en een efficiënte taakverdeling af te stemmen tussen de praktijk, ouders en de school.

 

Mogelijke aanwijzingen voor leesproblemen:

Mijn kind houdt moeite met het herkennen van de letters.

Het lezen van mkm-woorden gaat goed, maar mmkm-woorden of mmkmm-woorden lukt niet.

Mijn kind heeft moeite om vloeiend te lezen, hij blijft maar spellen.

Mijn kind scoort onvoldoende op de leestoetsen op school.

Als mijn kind een tekst gelezen heeft, kan hij de inhoud niet terugvertellen.

Mijn kind heeft een hekel aan lezen, het levert hem telkens weer een gevoel van falen op.